Een kantoor met de juiste verlichting ondersteunt productiviteit, welzijn en concentratie. Toch blijkt in veel kantoren dat de verlichting te fel, te zwak of onregelmatig verdeeld is, waardoor medewerkers sneller vermoeid raken of last hebben van reflecties op beeldschermen. Een professioneel lichtplan zorgt voor rust, visueel comfort en een omgeving die past bij de taken die in de ruimte worden uitgevoerd. In deze complete gids ontdek je hoe je een lichtplan voor kantoor maakt dat voldoet aan alle normen en tegelijkertijd energiezuinig en toekomstbestendig is.
De Europese norm NEN-EN 12464 bepaalt hoeveel licht er minimaal aanwezig moet zijn op werkplekken. Voor kantoren geldt doorgaans dat bureaus minimaal vijfhonderd lux moeten ontvangen, vergaderruimtes tussen de driehonderd en vijfhonderd lux vallen en gangen beduidend lager mogen liggen. Naast luxwaarden speelt ook de UGR-waarde een belangrijke rol, die bepaalt of een armatuur verblinding veroorzaakt. Een goede lichtkleur, meestal tussen 3000K en 4000K, draagt bij aan een rustige en natuurlijke uitstraling. Deze normen bij elkaar zorgen ervoor dat medewerkers geen last hebben van oncomfortabele contrasten of hinderlijke reflecties.
Verlichting heeft een directe impact op hoe medewerkers presteren én hoe prettig de werkomgeving voelt. Te weinig licht zorgt voor concentratieverlies, te veel licht kan leiden tot verblinding en oogvermoeidheid. Daarnaast is er ook een normenkader (zoals de Europese norm NEN-EN 12464) waarin minimale lichtsterkten zijn vastgelegd om een ergonomisch verantwoorde werkplek te waarborgen. Door vooraf een goed lichtplan op te stellen, ontstaat een werkruimte die rust, comfort en efficiëntie combineert met energiezuinigheid en toekomstbestendige oplossingen.
Een lichtplan is een technisch en visueel ontwerp waarin wordt vastgelegd hoeveel en welke verlichting er nodig is, waar de armaturen moeten komen te hangen, hoe het licht zich door de ruimte verspreidt en hoe deze verlichting aansluit op de dagelijkse taken in het kantoor. Het doel van een lichtplan is om optimale lichtniveaus te realiseren, rekening houdend met normen, ergonomie en energieverbruik. Een goed lichtplan zorgt ervoor dat werkplekken gelijkmatig verlicht zijn, dat verblinding wordt voorkomen en dat er geen onnatuurlijke contrasten ontstaan door verkeerde lichtverdeling.
De Europese norm NEN-EN 12464 beschrijft minimale verlichtingsniveaus voor diverse gebruiksfuncties. Voor kantoorwerkplekken wordt doorgaans een waarde van minimaal vijfhonderd lux aanbevolen op het werkvlak van bureaus. Vergaderruimtes en ontvangstruimtes vragen vaak lagere luxwaarden omdat de visuele taken daar minder intensief zijn, terwijl routes en hallen lagere waarden kunnen hebben. Daarnaast speelt de kleurtemperatuur een rol: kantoorverlichting met een kleurtemperatuur tussen de drie- en vierduizend kelvin wordt doorgaans als prettig en productiviteitsverhogend ervaren. Ook de UGR-waarde (Unified Glare Rating) is belangrijk om verblinding te beperken, vooral bij beeldschermgebruik.
Elke lichtplanning begint met een grondige analyse van de ruimte. Je beoordeelt afmetingen, plafondhoogte, raamposities, wanden, vloeren en de hoeveelheid daglicht. Daarnaast noteer je hoe de werkplekken verdeeld zijn, waar looproutes zijn en welke activiteiten op welke plekken plaatsvinden. Door foto’s te maken en metingen uit te voeren krijg je een realistisch beeld van de huidige situatie en van de zones waar mogelijk verbeteringen nodig zijn.
Niet iedere zone vraagt om dezelfde lichtsterkte. Werkplekken hebben hogere eisen dan vergaderruimtes of gangen. Door vooraf de benodigde luxwaarden per zone vast te leggen, weet je hoeveel licht er op de vloer of het bureaublad moet komen te staan. Dit vormt de basis voor keuzes in armaturen en hun plaatsing.
Het type armatuur bepaalt de uitstraling en functionaliteit van je verlichting. In open kantoorruimtes zijn LED-panelen populair vanwege hun gelijkmatige lichtverdeling en energie-efficiëntie. Lichtlijnen en pendelarmaturen kunnen een moderne uitstraling geven en zijn ideaal bij hoge plafonds of open plafonds. Downlights zijn zinvol in routes en bij concentratieplekken. Belangrijk is dat je let op lumenoutput, kleurtemperatuur, UGR-waarde en de gewenste lichtverdeling, zodat het licht voldoet aan de eisen van de ruimte en de gebruikers.
Een lichtberekening helpt je te controleren of de gekozen armaturen voldoende licht leveren op de juiste plekken. Door een simulatie uit te voeren, zie je de verdeling van de luxwaarden en kun je mogelijke donkere zones herkennen voordat de installatie plaatsvindt. Deze techniek maakt je ontwerp betrouwbaar en voorkomt verrassingen tijdens de uitvoering.
De positie van armaturen is cruciaal voor een goed verdacht lichtbeeld. Armaturen mogen niet recht boven beeldschermen hangen, maar moeten zodanig geplaatst worden dat er een gelijkmatige lichtverdeling ontstaat zonder hinderlijke schaduwen. Door rekening te houden met daglichtinval en looproutes ontstaat een logische en comfortabele indeling van de verlichting.
Moderne verlichtingstechnieken zoals daglichtafhankelijke sturing en aanwezigheidssensoren verbeteren de energie-efficiëntie aanzienlijk. Door verlichting automatisch te dimmen of uit te schakelen wanneer er voldoende daglicht of geen aanwezigheid is, bespaar je energie en verhoog je comfort. Dit maakt je lichtplan niet alleen visueel maar ook technisch toekomstbestendig.
Via één van onze partners in uw regio verzorgen we waar nodig de montage.
Of gebruik onze online agenda om meteen een beschikbaar moment vast te leggen.
Kies een geschikt tijdslot in onze agenda. Bevestiging ontvangt u direct per e-mail.
Voor kantoorwerkplekken wordt doorgaans minimaal vijfhonderd lux op het taakvlak gevraagd volgens de NEN-EN 12464 norm. Vergaderruimtes en ontvangstruimtes kunnen lager liggen wanneer daar minder intensieve visuele taken plaatsvinden. Naast de norm is de gelijkmatigheid van het licht belangrijk, liever geen spots. Vanaf het taakvlak willen we het lichtniveau afbouwen tot gemiddeld 200-300 lux in de gangzones. Te grote verschillen geeft hogere belasting aan onze ogen.
Een kleurtemperatuur tussen drieduizend en vierduizend kelvin (3000K–4000K) wordt vaak gezien als de beste keuze voor kantooromgevingen. Dit zorgt voor een heldere en natuurlijke sfeer waardoor medewerkers zich comfortabel voelen. 5700K of daglichtkleuren worden weinig toegepast tenzij er veel met drukproeven en kleuren gewerkt wordt. De kleurtemperatuur zegt niets over de kleurweergave van het licht.
Een lichtberekening maakt inzichtelijk hoe het licht zich door de ruimte verspreidt en of de gekozen armaturen voldoen aan de gewenste luxwaarden. Dit voorkomt verrassingen tijdens de installatie en draagt bij aan een betrouwbaar ontwerp.
Helaas is dat niet mogelijk, nadat u ons formulier heeft ingevuld, nemen wij binnen 3 werkdagen contact met u op voor een vervolg.
In principe is ons doel om u direct tevreden te krijgen. In sommige gevallen komt het voor dat we op basis van budget revisies plegen, om bouwkundige beperkingen of omdat u simpelweg iets niet mooi vindt. Wij houden in het tarief van ons lichtontwerp rekening met 1 revisieronde. Wilt u daarna wijzigingen doorvoeren, dan zullen we vooraf de kosten die hiermee gemoeid zijn aan u communiceren.